Home | Contact
 
 
Vuurwerk
Home | Geschiedenis | Tips | Wetten | Ongelukken | Spellen

Oorzaken & aantallen | Zwerfvuurwerk


Vuurwerk ~ Ongelukken ~ Oorzaken & aantallen

Vuurwerk behoort tot de explosieven, net als munitie en dynamiet. Gevaarlijk spul dus. Ongelukken met vuurwerk worden veroorzaakt doordat de lading op de verkeerde plaats of op het verkeerde moment explodeert. Dat kan gebeuren doordat er aan het vuurwerk zelf iets mankeert. Maar in verreweg de meeste gevallen gebeuren ongelukken met vuurwerk doordat men er zelf mee gaat experimenteren of er onverstandig mee omgaat.

Vuurwerk wordt vaak in de hand afgestoken en dan weggegooid. Dat is ronduit gevaarlijk, omdat nooit met zekerheid te voorspellen valt wanneer het vuurwerk ontploft, en waar het precies terecht komt.

Bewegend siervuurwerk
Als een vuurpijl grillig gaat rondvliegen, of als een zonnetje losschiet, dan weet je maar nooit waar naar toe vliegt. Het kan dus ook in iemands gezicht terechtkomen.

Knalvuurwerk
Zo’n knal kan erg hard zijn, zeker vlakbij je oor, dat kan je je trommelvliezen kosten.

Vonken
Vonken doven snel, maar zijn wel gloeiend heet. 1000 graden Celsius is heel normaal. Je kunt wel raden wat er gebeurt als je zo’n vonk in je oog krijgt of op je kleren.

Ongelukken top 3
1. Vuurpijlen
2. Rotjes
3. Strijkers

Aantal ongevallen
De stijging in het aantal vuurwerkongevallen in de afgelopen jaarwisselingen heeft zich vorig jaar niet doorgezet. In de periode 1992/1993 tot en met 1995/1996 was er een sterke daling in het aantal vuurwerkslachtoffers: van 1.900 in 1992/1993 naar 800 in 1995/1996. In de periode 1996/1997 tot en met 1999/2000 lag het aantal slachtoffers jaarlijks rond de 1.200. De jaarwisseling 2000/2001 kende gelukkig flink minder slachtoffers dan de voorgaande jaarwisseling. Het aantal slachtoffers dat werd behandeld op SEH-afdelingen van ziekenhuizen in Nederland is gedaald van 1.200 in 1999/2000 naar 900 in 2000/2001. Tijdens de jaarwisseling van 2001/2002 vielen er 960 slachtoffers

Datum en tijdstip binnenkomst
Verreweg de meeste slachtoffers komen in de nacht van 31 december op 1 januari binnen. 78% van de slachtoffers komt op 1 januari op de SEH-afdeling en 16% op 31 december. In vergelijking met vorig jaar komen er meer slachtoffers binnen op 31 december en minder op 1 januari.

Leeftijd en geslacht van de slachtoffers
40% van de slachtoffers is tussen de 10 en 20 jaar. Dat is gelijk aan voorgaande jaren. Toen schommelde dit percentage tussen 42% en 48%. Er dit jaar minder jonge kinderen (0 tot 10 jaar) die slachtoffer werden van een vuurwerkongeval: zo’n 18%. Vorig jaar was dat nog 18%. Het aandeel slachtoffers tussen de 20 en 30 jaar was dit jaar 16%.
Het grootste deel van de slachtoffers zijn evenals voorgaande jaarwisselingen mannen. Dit jaar is 79% van de slachtoffers man en 21% vrouw. Vorig jaar was 19% van de slachtoffers vrouw.

Eigen vuurwerk en vuurwerk dat in de hand is afgegaan is. vuurwerk van omstanders
In ieder geval 35% van de ongevallen is veroorzaakt door eigen vuurwerk. Hieronder wordt vuurwerk verstaan dat door het slachtoffer zelf is afgestoken. Vaak vindt het ongeval plaats tijdens het afsteken van het vuurwerk, waarbij dit in de hand ontploft. In ieder geval 22% van de slachtoffers heeft letsel opgelopen door vuurwerk dat door iemand anders is afgestoken. Vuurwerk van omstanders kan op verschillende manieren voor letsel zorgen. Vaak wordt letsel opgelopen tijdens het kijken naar vuurwerk. Het vuurwerk komt dan per ongeluk in contact met het slachtoffer, bijvoorbeeld doordat het (te vroeg) ontploft. Het gebeurt echter ook dat vuurwerk expres in de richting van het slachtoffer wordt gegooid.
Van de overige gevallen is niet te achterhalen of het letsel is ontstaan door eigen vuurwerk of door vuurwerk van anderen.

Soort vuurwerk
Vuurwerk dat het meest bij ongevallen betrokken is, zijn rotjes en strijkers (21%) en vuurpijlen (22%).

Opgelopen letsel
Evenals vorig jaar heeft het grootste deel (38%) van de slachtoffers brandwonden. Oppervlakkig letsel zoals schaafwonden en (bloed)blaren zorgt voor 22% van de letsels. Ook oogletsel komt regelmatig voor (12%), evenals open wonden (9%).
46% van de slachtoffers werd dit jaar aan het hoofd getroffen. Dit is het hoogste percentage hoofdwonden in de afgelopen tien jaar. De stijging wordt met name veroorzaakt door het aandeel oogletsel: dit jaar maar liefst 25% van alle letsels. Op de tweede plaats staan letsels aan de armen. Dit jaar heeft “slechts” 36% van de slachtoffers letsel aan de armen opgelopen. Met name de letsels aan de handen (5%) zijn sterk afgenomen ten opzichte van eerdere jaarwisselingen.

Vervolgbehandeling
De meeste slachtoffers kunnen na behandeling weer naar huis. Eventueel moeten zij voor controle terugkomen op de SEH of polikliniek of bij de huisarts. 6% van de slachtoffers is opgenomen in het ziekenhuis. Dit percentage is hoger dan voorgaande jaarwisselingen, toen het tussen 1% en 3% lag.

Samenvatting
In de jaarwisseling van 2001/2002 zijn 960 mensen behandeld op een Spoedeisende Hulp (SEH) afdeling van een ziekenhuis. Het percentage ziekenhuisopnamen na behandeling op de SEH-afdeling is echter weer gestegen bij de afgelopen jaarwisseling naar 6%.

 
 
    Promotie | Pers | Copyright KerstmisOnline 2000/2017 | Privacy | Disclaimer | Adverteren | Colofon | Contact